Corona en Felix Culpa

Het Coronavirus heeft de bestaande orde heftig doen wankelen. Veel vanzelfsprekendheden zijn ter discussie gesteld. Ineens bleken programma’s en planningen niets meer waard en was onze gezondheid fragiel en uiterst kwetsbaar. Deze pandemie blijkt meer dan een revolutie in staat de hele wereldorde op losse schroeven te zetten. De maakbaarheid van de samenleving is ineens ver weg, onsterfelijkheid is een sprookje en onzekerheden winnen het van zekerheden. Wereldleiders, presidenten, hogepriesters en gezagvolle wetenschappers doen wat er van ze verwacht wordt. Ze kondigen maatregelen af, zeggen hard te werken en er alles aan te doen om de oude orde weer zo snel mogelijk te herstellen. Het leven en de gezondheid van mensen heeft prioriteit maar de overheid moet zich niet alleen door virologen laten adviseren. Ook bedrijven moeten hun producten weer op de markt brengen, de toekomst dient positief te worden voorspeld, de banken moeten weer winst kunnen maken en de verkiezingen gewonnen. Bovendien liggen er adviezen van antropologen, criminologen, pedagogen, psychologen, planologen die een te voeren beleid niet eenvoudig maken.   

Als er andere tijden komen, dienen de bakens wel te worden verzet en zal er in de maatschappij het nodige veranderen. Doch, zo leert de geschiedenis, daar zijn andere mensen voor nodig, andere leiders, geen wereldleiders, presidenten en hogepriesters, veel meer profeten, warhoofden of mislukkelingen misschien, die een transitie voor ogen hebben, kunstenaars en creatieve wetenschappers die ouder en wijzer geworden de ondergang van de oude wereld aanvaarden en de geboorte van een nieuwe maatschappij initiëren. Meer dan ooit zijn er straks mensen nodig die met wijsheid en minder haast niet opgaan in de waan van de dag, maar ons voorhouden met onzekerheden te leren leven, de werkelijkheid niet als eeuwig te beschouwen en rampzalige dingen die gebeuren te aanvaarden.

Tijdens deze Coronacrisis moet ik denken aan wat wij vroeger in de katholieke liturgie bij het Exultet zongen: o felix culpa quae talem ac tantum meruit habere Redemptorem, o gelukkige schuld die zo’n geweldige verlossing teweeg heeft gebracht. De erfzonde en alles wat dat met zich mee brengt, de erfschuld die de traditie ons voor ogen hield, schrompelt weg bij de gelukzalige verlossing die wij nu beleven, leerden wij toen. O felix corona, denk ik dan, wat een verlossing zal dit teweeg kunnen brengen. Deze pandemie kan veel veranderen en vernieuwen. We kunnen verlost worden van de onbeperkte groei en bloei, van het steeds meer vervuilen van de aarde, van de snelheid van de dingen die we doen. Misschien kan deze corona, deze doornen kroon, ons verlossen van de haast van de dag en de ongeduldige jachtigheid van het bestaan. Misschien brengt het ons tot een zekere bezinning, weten we verdriet en onontkoombaar lijden te accepteren in plaats van onder tafel te stoppen of anderen daarvan de schuld te geven.

Het felix culpa van het christendom bezorgde ons een Middeleeuws geluk, van blij dat we bestaan ondanks de vaak beroerde omstandigheden van ziekte en oorlog. Voor de meesten van ons behoort dat zware schuldgevoel tot het verleden en ook dat verlossingsgevoel dat ons van schuld bevrijd, al ontdekken we in onze volksaard nog wel elementen van schuld, van het voortdurend hebben over schuld, het rondlopen met gevoelens van schuld of het vooral anderen de schuld geven. Ook bij deze coronacrisis zie je nog dat sommigen makkelijk over schuld praten, dat ze instanties, organisaties, regeringen en personen daarvan de schuld geven, maar voornamelijk zie je toch de gerichtheid op bevrijding en verlossing van het kwaad van het coronavirus. Net als die Middeleeuwse christenen spreken we van geluk en dankbaarheid dat we ondanks erfschuld en corona er nog zijn, dat we de erfenis en het virus zullen overwinnen, dat we nog steeds leven, bewegen en ademen en meemaken dat het weer lente wordt.

Soms denk ik dat wij mensen de laatste vijf, zes eeuwen veel minder zijn veranderd dan we willen toegeven. Als je goed kijkt, zie je dat we ongeveer hetzelfde geloof en het hetzelfde gedrag vertonen. Wat we denken en zeggen vormt maar een klein deel van de beleefde werkelijkheid.

Maart 2020

Piet Winkelaar

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*