Zijn alle mensen gelijk?

| Geen reacties

Zijn alle mensen gelijk?

Waarschijnlijk bestaat er geen diersoort waarvan de individuen onderling zoveel verschillen als bij mensen. Toch hoor ik vooral gezagsdragers van politieke en godsdienstige huize voortdurend roepen dat alle mensen gelijk zijn, dat we allemaal gelijke rechten en plichten hebben. Hoe kan dat?  Wat betekent dat woordje ‘gelijk’ precies? Bedoelt men dat we allemaal tegelijk leven en daarom gelijk zijn? Maar dan zijn we toch tegelijk ook allemaal ongelijk?

Kennelijk wordt met ‘gelijk’ iets anders bedoeld dan mij voor ogen staat. Ik denk dat alle mensen anders zijn,verschillend. Ik noem dat ongelijk. Ik herinner me een boek van professor Galjaard dat hij twintig jaar geleden schreef en dat heette:  ‘Alle mensen zijn ongelijk’. Daarin schetste hij hoe we verschillen qua genen, opvoeding, cultuur,  karaktereigenschappen, capaciteiten, opleiding en ervaring. Met de titel van het boek is niks mis: alle mensen zijn ongelijk. Anders gezegd, geen twee mensen zijn hetzelfde. Maar het boek kreeg amper aandacht. Het paste niet goed bij het ethos van onze tijd, vermoed ik. Of het ging verloren in de stemmen van politici en kerkelijk leiders die – bijna meer dan ooit te voren –  beweerden dat alle mensen gelijk zijn.

 

Je moet dat ook niet letterlijk nemen, zegt de stem in mijn achterhoofd. Met gelijk wordt meestal gelijkwaardig bedoeld. Dat woord is minder duidelijk. Daar kun je veel kanten mee op en is dus makkelijker in het gebruik. Maar wat betekent gelijkwaardig?  Dat alle mensen een gelijke waarde hebben? Dat ze allemaal evenveel waard zijn, eenzelfde waarde hebben?  Is dat zo? Is een minister evenveel waard als iemand met een zwaar verstandelijke beperking? Is de koning gelijkwaardig aan de bijstandmoeder hier in de straat? Zijn zwaar gehandicapten zonder hersenen en zonder taal of patiënten die decennia in coma liggen, gelijk of gelijkwaardig aan huisvrouwen, gemeenteambtenaren, leraren, bakkers, tandartsen? Ik heb het idee dat gelijkwaardig een idealistisch begrip is dat weinigen in de dagelijkse praktijk serieus nemen. Maar het klinkt mooi. Mensen die ongelijk zijn worden gelijkwaardig genoemd. Soms wordt gezegd dat ze evenveel waard zijn. Voor wie zijn ze evenveel waard? Mijn vrouw lijkt me  meer waard dan een mij onbekende vrouw in Spanje. Is er iemand op de wereld voor wie alle mensen evenveel waard zijn? Misschien zegt een minster president of een koning dat alle inwoners van het land hem evenveel waard zijn, dat ze allemaal gelijkwaardig zijn. Daar is geloof voor nodig en velen zullen dat niet geloven.

Er bestaan tussen mensen grote verschillen doordat ze een eigen taal, een eigen opvoeding, een eigen dialect en eigen binnenwereld met eigen meningen en opvattingen hebben. Die verschillen zijn vele malen groter dan de lichamelijke verschillen. Maar ze worden amper onderkend of in ieder geval gebagatelliseerd. Misschien is er geen land ter wereld waar dat zo sterk gebeurt als in Nederland. Het is alsof  hier iedereen dezelfde kansen moet krijgen, dezelfde capaciteiten, dezelfde talenten, dezelfde gezondheid dient te hebben; dat we hier allemaal  dezelfde mogelijkheden hebben, dat we even rijk en even slim behoren te zijn en allemaal evenveel geld zouden moeten verdienen. Dan is de middelmaat  koning en mag er niemand boven het maaiveld uitsteken. De middelmaat en de meerderheid bepalen de waarde van gelijkheid. Vermoedelijk is onze zogenoemde verzorgingsstaat doordesemd van het gelijkheidsbeginsel.

De menselijke ongelijkheid lijkt me echter een natuurwet en het is een behoorlijke overschatting dat even te willen veranderen. Veel vertegenwoordigers van overheid en godsdienst draaien die natuurwet om en zeggen of suggereren dat alle mensen gelijk zijn, eenzelfde lichaam en eenzelfde ziel hebben. Voor God zijn alle mensen gelijk, wordt gezegd. Vermoedelijk wordt daarmee bedoeld dat alle mensen een ziel hebben, eenzelfde soort ziel. Daarin zouden we verschillen met dieren want die zouden geen ziel hebben. Achteraf is niet helemaal duidelijk wat met die ziel wordt bedoeld want een ziel is niet hetzelfde als verstand of  bewustzijn. Daarin verschillen mensen juist veel. Maar zielen lijken onzichtbaar en dan is het makkelijk te zeggen dat ze allemaal gelijk zijn, gelijkwaardig, hetzelfde. Als ziel echter ‘levensbeginsel’ betekent, dan heeft alles wat leeft een levensbeginsel en zijn alle levende wezens gelijk, hebben ze alle gelijkelijk een ziel.

Voor de wet zijn alle mensen gelijk, zegt de overheid. In onze grondwet staat: ‘Allen die zich in Nederland bevinden worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Maar niemand is hetzelfde en iedereen bevindt zich in een aparte situatie, is een uniek geval. Het lijkt me onmogelijk ongelijke mensen in ongelijke gevallen gelijk te behandelen. Vanwaar toch die politieke en religieuze behoefte aan gelijkheid? Willen we iedereen maken zoals we zelf zijn?

Kunnen we er niet tegen dat iedereen anders is?

De ongelijkheid tussen mensen lijkt me zonneklaar en ook de ongelijkwaardigheid. Het gaat erom de waarde daarvan te erkennen tezamen met de waardigheid van mensen.  Laten we in godsnaam mensen niet gelijk behandelen. Laat dat ´gelijk’ maar weg en beperk je tot de waarde en de waardigheid van mensen. Daar heb je de handen meer dan vol aan.

 

P.W. april  ’15

 

.

 


Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.

*


Naar boven