Feuilleton – 47 – Du vin, du pain, du pindakaas : Tegen de dood is geen kruid gewassen

| Geen reacties

Contre la mort, point de remède

Tegen de dood is geen kruid gewassen

En dan moeten we naar een begrafenis. Jean-Pierre is komen vertellen dat la centenaire, de honderdjarige oma van de molenaar is overleden. Bijna honderdeneen is ze geworden. Ze belandde in het ziekenhuis nadat ze gevallen was en haar heup gebroken had. Een daar opgedane longontsteking werd haar fataal.

Ik ben erg slecht in begrafenissen, moet altijd huilen en zie er als een berg tegenop. We trekken stemmige donkere kleren aan. Om tien uur in de ochtend zal ze begraven worden. We rijden naar de begraafplaats naast het gemeentehuis en al ver ervoor staan de auto’s geparkeerd in de bermen. We parkeren achteraan en lopen achter een groep mensen aan naar de begraafplaats. Het hele plein voor het gemeentehuis staat vol met mensen, er zijn er meer voor haar begrafenis gekomen dan voor haar verjaardag. Echter, het ziet niet letterlijk zwart van de mensen. O jee, niemand is donker gekleed! Bij nadere beschouwing zie ik dat maar de helft van de mannen de moeite heeft genomen werkkleren te verruilen voor nette kleren. Zou het de wens van de overledene geweest zijn? Ik zie Marie en na een ingetogen begroeting vraag ik waarom niemand zwart draagt. In Nederland hoeft het eigenlijk ook niet meer, maar je kleedt je toch wel stemmig en in ieder geval in nette kleren. Marie is verbaasd. Zwarte kleren bij een begrafenis? Nee, daar heeft ze nog nooit van gehoord, dat hoeft hier niet. Kennelijk wordt het hier meer gewaardeerd dat je überhaupt je werk even in de steek hebt willen laten om de overledene de laatste eer te bewijzen, dan dat je nette kleren aantrekt. Dan valt me op dat er bijna alleen maar mannen zijn. Ik zie wel een paar oudere bewoonsters van de commune, maar dames zijn toch heel duidelijk ver in de minderheid. Ik ben eigenlijk de enige niet bejaarde vrouw. Ook hierover ga ik te rade bij Marie. Ze legt uit dat veel jonge vrouwen in de nog vruchtbare leeftijd niet naar begrafenissen gaan. Volgens een oud plaatselijk bijgeloof horen zij die nog moeder kunnen worden niet met de dood te worden geconfronteerd.

We voelen ons heel erg buitenlander en blijven achteraf staan, totdat de burgemeester helemaal naar ons toe komt lopen om een hand te geven. Hij noodt ons dichterbij te komen, en betrekt ons in een geanimeerd gesprek met Mimi en een paar boeren. Mimi vindt ons ook echt boeren en meent dat we een tractor moeten kopen. Hij weet er wel een te koop. Erik heeft er wel oren naar en de mannen spreken af na de begrafenis eens verder van gedachten erover te wisselen.

Dan komt er een grijze bestelbus aanrijden. Die moet natuurlijk bij het gemeentehuis een pakje afleveren en zal onverrichter zaken terug moeten, omdat het raadhuis gesloten is. Maar de menigte wijkt uiteen. De gesprekken en het gelach verstommen tot een eerbiedig gemompel.

Dan gaan de autodeuren open. Een man, overduidelijk een begrafenisondernemer, Jean-Michel de molenaar en zijn moeder stappen uit. De deuren van het kerkje worden geopend en het kerkklokje wordt geluid. Zeven keer. Een ijl geluid weerkaatst tussen de heuvels. En nog eens zeven keer. De familie loopt het kerkje in terwijl de kerkklok zijn slagen luidt. Uit de bestelbus annex begrafenisauto wordt de kist getild en naar het bedehuis gedragen. Vier gemeenteraadsleden nemen deze honneurs waar. Achter de kist volgen de dorpelingen. Een duidelijke hiërarchie. De armsten zonder pak achteraan. Tussen het aanhoudend luiden van de bel door, hoor je alleen het schuifelen van de vele voeten. Zo gaat het door totdat het kerkje vol is en zeker de helft van de aanwezigen buiten moet blijven staan om de dienst bij te wonen. Het luiden stopt en een onwaarschijnlijke stilte, alleen soms onderbroken door een kuchje, daalt neer over het plein. Af en toe dringen geluiden als de stem van de voorganger en muziek door.

Na een halfuur komen de mensen weer naar buiten en wordt oma weer in de bestelbus geschoven. Nu heeft iedereen de gelegenheid het condoleanceregister te tekenen dat op een klein tafeltje naast de bestelbus staat. In de bestelbus kun je de kist met erop een maretakje, de kransen, de plastic bloemen en begrafenissteentjes met standaardteksten bewonderen. Langzaam schuift de menigte aan de auto en het register voorbij.

Wanneer nog lang niet iedereen geweest is, wordt oma Désirée alweer uit de auto gehaald. Voorop loopt een vaandrager met in zijn kielzog de burgervader weer compleet met sjerp. De overledene wordt naar de begraafplaats gedragen, alwaar ze bij haar toekomstige, maar reeds lang geleden aangekochte graf, op schragen wordt neergezet. De burgemeester houdt een toespraak en we begrijpen dat óf zijzelf óf wijlen haar man een belangrijke rol in het verzet heeft gespeeld. Dan moeten we definitief afscheid nemen. De familie loopt door naar het einde van het pad. Een lange sliert mensen wacht in de rij voor de kist om de laatste eer aan de overledene te bewijzen. De begrafenisondernemer overhandigt de eerste passanten het maretakje waarmee een kruis boven de kist geslagen dient te worden. Het takje wordt telkens doorgegeven. Niet iedereen heeft kunnen zien wat je moet doen. Een oud heertje, te krap in zijn netste pak, staat ongemakkelijk en verloren met het in zijn handen geduwde takje. Ik schiet vol als een achteropkomende boer, krom en gekrompen van ouderdom, de hand van het mannetje pakt en ze samen zo een kruis boven de kist slaan. Zouden ze net als ik eraan denken dat zij de volgende kunnen zijn?

Stiekem kijk ik om me heen en zie dat ik een van de weinigen ben die het te kwaad heeft. Dan staan we ineens voor de familie. Ze herkennen ons en zeggen gelijk: ‘Les Hollandais!’ Men is duidelijk blij dat we gekomen zijn en het maakt alle twijfel die ik had, als buitenstaander hier aanwezig te zijn, weer goed. We schudden handen en prevelen het in het woordenboek opgezochte: ‘J’offre mes condoléances.

Als we terug naar de auto lopen zien we dat de weinige vrouwen naar huis gaan, maar de mannen lopen allemaal richting het café in Bagneux, om daar een Ricard als toost te drinken op de overledene.

_____________________________

Kijk hier voor alle afleveringen 


Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.

*


Naar boven