De herinnering als instrument

| Geen reacties

De herinnering als instrument

Het voorbije is niet dood;
het is niet eens voorbij.
We maken het van ons los en doen
alsof we er niets van weten.

Wie zich zijn verleden niet herinnert
is ertoe verdoemd het te herhalen.

Christa Wolf Uit: Patronen van een jeugd.
Herinnering is slechts mogelijk voor de mens. Het dier, dat altijd onderweg is, loopt als een ruisende beek in zijn bedding. Wat voorbij is, is voorbij (….). De mens echter kan over zijn innigheid spreken omdat hij deze als de eigene vormt. Reeds als kind kan hij immers verzwijgen, een geheim in zich bewaren. De herinnering is een kostbaar eigendom. Opnieuw is in ons het beeld van het ouderhuis, van een moederlijk gelaat, woord en gebaar. En met dit beeld zij we opgenomen in het klimaat van voorheen (….).
Een niet gedateerde herinnering is geen echte herinnering (….). Door de datering staat immers het herinnerde in een context – het was die dag, dat uur, op die plaats. En hoe vollediger door de herhaalde beschrijving het herinneringsbeeld zijn structuur, zijn plaats, zijn omlijsting krijgt, des te meer wordt het een souvenir véritable.

F.J.J.Buytendijk Uit: Aandenken

 

Bij het ouder worden wordt ook de behoefte aan herinneren sterker.
Lange tijd gold de mening dat het praten over vroeger en het ophalen van herinneringen bij ouderen min of meer een ouderdomskwaal was, vooral omdat bij patiënten met dementie het recente geheugen snel vervliegt in tegenstelling tot het vroegere geheugen dat nog lang kan blijven functioneren. In onze tijd heeft geriatrisch onderzoek en ouderenzorg er zeker toe bijgedragen dat het praten over vroeger nu wordt gezien als een wezenlijke behoefte bij de ouder wordende mens en voor hem of haar veel betekent. Het zich herinneren kan dan behulpzaam zijn de levenservaringen weer in een nieuw perspectief te zien, een negatieve houding of schuldgevoel te overwinnen en de moed te vergaren het eigen leven rustiger te overzien. Bewuster omgaan met herinneringen noemt men ook wel reminiscentie, dat je zou kunnen omschrijven als ‘terugdenken, het op een min of meer levendige en gevoelsgeladen wijze ophalen van en of verwijlen bij herinneringen aan gebeurtenissen uit het verleden’ (Alfons Marcoen, Universiteit van Leuven)

Deze manier van omgaan met het herinneringen, het zogeheten reminisceren heeft in de ouderenzorg al veel effect gesorteerd. Als voorbeeld een citaat uit een artikel van Pollo Hamburger (in: ‘Icodo Info no. 2000-1/2) “Door te vertellen over hun leven kunnen ouderen hun identiteit uitdrukken en bewaren, duidelijk maken wie en wat zij zijn, wat ze beleefd en gepresteerd hebben, wat hen heeft gevormd. Dit ‘zich kenbaar maken’ onderscheidt reminiscentie van andere vaak oppervlakkiger activiteiten binnen de ouderenzorg. Deelnemers aan een reminiscentiegroep raken snel vertrouwd met elkaar en leren elkaar waarderen. Dat vergemakkelijkt het leggen van nieuwe contacten en kan vereenzaming voorkomen. Ook dementerende ouderen kunnen profiteren van reminiscentie. Zij kunnen, als het langetermijngeheugen nog redelijk in tact is, vertellen over vroeger. In dat stadium van dementie doet reminiscentie dus een beroep op wat iemand nog wél kan. Dit is voor mensen die voortdurend geconfronteerd worden met afnemende capaciteiten een verademing. Dementerenden hebben veel hulp nodig, raken afhankelijk van anderen die hen helpen, uitleggen, begeleiden, corrigeren. Maar met reminisceren zijn de rollen omgedraaid: de oudere heeft iets te vertellen wat de verzorger niet weet. Zo kan reminisceren het gevoel van eigenwaarde versterken. Het kan ook zorgen voor meer grip op het leven, al is het maar grip op het ‘proces van zich herinneren.’ Nu we merken dat de belangstelling voor reminiscentie, het bewuster omgaan met herinneringen is toegenomen, lijkt het voor de hand liggend om het fenomeen herinneren eens onder de loep te nemen.

Er zijn mensen die zich nog nauwelijks iets herinneren uit hun vroegste jeugd. Ze zouden heel graag weer in contact komen met beelden uit het verleden. De Franse schrijver Georges Perec schreef een verhandeling over de herinnering, W. of de Jeugdherinnering’. In het boek is hij uitermate geïnteresseerd in het verband tussen de herinnering en het reële gebeuren, in de betrekking tussen wat wij meemaken en de beelden die wij daarvan hebben. “Ik heb geen herinneringen aan mijn kinderjaren”, schrijft hij. “Van alle herinneringen die ik mis, zou ik die het liefst willen hebben: mijn moeder die mij kapt en een ingewikkelde golf in mijn haar legt.”
Toen Paula, de dochter van de Chileense schrijfster Isabel Allende, ernstig ziek was, bracht haar moeder nachten lang wakend bij haar door. Ze lag in coma en haar moeder probeerde intensief met haar in contact te komen. Dan besluit de schrijfster haar kostbaarste bezit te schenken dat zij heeft: haar herinneringen.”Terwijl ik naast je zit en op een scherm de lichtgevende lijnen volg die het kloppen van je hart weergeven, probeer ik contact met je te krijgen met behulp van de magische methode van mijn grootmoeder. Als zij hier was, zou ze mijn boodschappen aan je kunnen doorgeven en me helpen om je vast te houden in deze wereld. Je bent een vreemde reis begonnen door de mist van het onderbewustzijn. Maar waarom zoveel woorden als je me toch niet kunt horen? Waarvoor deze bladzijden die je misschien nooit zult lezen? Door mijn leven te vertellen krijgt het vorm, en door mijn herinneringen op te schrijven fixeer ik ze; wat ik niet op papier verwoord, zal worden uitgewist door de tijd” (Uit: Paula)

In biografisch leren en werken gebruiken we de herinnering min of meer als “een instrument” om meer zicht te krijgen op het leven dat achter ons ligt. Dat instrument moeten we dan ook leren kennen om er een goed gebruik van te kunnen maken.
Het is goed ons eerst terdege te oriënteren alvorens we ons intensief met dit fenomeen bezig houden. Niet alleen de geheugen – en bewustzijnspsychologie houdt zich met het verschijnsel bezig, ook binnen de geesteswetenschap, binnen allerlei therapievormen en natuurlijk de kunsten – zoals theater, literatuur en muziek – wordt het landschap van de menselijke herinnering verkend.
Wat is eigenlijk herinnering en is er ook een verschil aan te geven met het begrip geheugen ? Oliver Sacks denkt dat het geheugen dicht bij de verbeelding staat en dat herinneringen interpretaties zijn, geen kopieën of facsimile’s, geen reproducties. Het is geen momentopname van de werkelijkheid, want er is geen objectieve werkelijkheid. Alles bestaat in relatie tot onszelf en wordt gekleurd door het heden. Het is onmogelijk vast te stellen wat er werkelijk gebeurd is. Hij voegt er wel aan toe dat het koesteren van herinneringen misschien iets heel anders is. Toen de schrijver Goethe tachtig werd – zo gaat het verhaal – bracht iemand een dronk uit op de herinnering. De oude schrijver werd boos en zei:’ ik ben het niet eens met uw idee van herinnering. Het staat je niet vrij te hunkeren, alle belangrijke gebeurtenissen uit het verleden worden in je opgenomen en daar groei je mee op’.
“De herinnering is deel van het groeien, deel van de identiteit”, zegt Sacks.
Het omgaan met herinneringen is niet voor iedereen altijd even gemakkelijk.
Er zijn mensen die hun herinneringen met gemak overzien en ze min of meer koesteren. Ze kunnen zelfs een steun zijn in moeilijke tijden. Er zijn ook mensen die worstelen met schuldgevoelens of spijt blijven houden van gebeurtenissen uit het verleden. Ze komen steeds terug op droevige of nare dingen die gebeurd zijn en zien zelden de lichte kanten die het leven óók heeft. Een derde groep mensen wil liever het verleden laten rusten. Het kan te pijnlijk zijn daar steeds op terug te moeten komen. Verlies of onverwerkte rouw is daar vaak de oorzaak van. Soms krijgen mensen nostalgische gevoelens en vinden de tijd van vroeger beter dan de huidige.
Tot hoever gaan onze allereerste herinneringen eigenlijk terug? Niet verder dan de leeftijd van rond vier jaar, zegt de geheugenpsychologe Elisabeth Loftus. Zij noemt als reden dat we ons daarvoor niets kunnen herinneren omdat we toen amper de taal tot onze beschikking hadden. Daardoor bezaten we nog niet de mogelijkheid om onze ervaringen te categoriseren en ze vervolgens op te slaan zodat we ze ons later kunnen herinneren. Bijzondere gebeurtenissen kunnen het tijdstip echter vervroegen. Mijn vroegste herinneringen gaan terug naar de tijd dat mijn moeder overleed. Ik was toen amper drie jaar. Ik denk dat ook vroege stemmingsbeelden worden opgeslagen zij het anders dan de categorisering via de taal. Als in het biografisch werken – meditatief en in stilte – levensloopbeelden worden geschil¬derd, ervaren mensen deze bijzondere stemmingsbeelden, soms uit de zeer vroege jeugd als verrassend. Het is natuurlijk goed daar heel bescheiden mee om te gaan en er niet zo maar quasi wetenschappelijke conclusies aan te verbinden. Ik denk wel dat menselijke vermogens als droom en fantasie graag in de buurt van de herinnering verblijven, ze kunnen ons brokstukken laten zien uit vroeger jaren en wellicht dienen als een sleutel naar het geheugen, zoals dat ook geuren en klanken doen. Schilderen is als wandelen in de tuin van je ziel. Je bezoekt naast duidelijke en lichte plekken wellicht ook verborgen en duistere hoekjes…

In zijn autobiografie vertelt Jung dat zijn herinneringen terug gaan tot zijn tweede of derde jaar.”Ik herinner me de pastorie, de tuin, het washok, de kerk, het slot, de waterval, het kasteeltje Wörth en de boerderij van de koster. Het zijn alleen maar herinneringseilandjes die in een onbestemde zee drijven; ogenschijnlijk zonder enig verband met elkaar. Daar duikt een herinnering op, wellicht mijn allereerste; daarom is het maar een tamelijk vage indruk. Ik lig in een kinderwagen, in de schaduw van een boom. Het is een mooie, warme zomerdag, de hemel is blauw. Gouden zonlicht speelt door groene bladeren. De kap van de wagen is open. Ik ben zojuist ontwaakt temidden van deze heerlijke schoonheid, en ik voel een onbeschrijfelijk welbehagen. Ik zie de zon door de bladeren en de lichtende bloesems van de bomen. Alles is heel wonderlijk, kleurig en heerlijk”

 

Meer lezen:

Biografisch leren en werken
het levensverhaal in kaart brengen

Geef een reactie

Verplichte velden zijn aangegeven met een *.

*


Naar boven